Historie

Geschiedenis Maassluis in een notendop

Maeslantsluys: brood uit water
Maeslantsluys. Zo heette Maassluis in de veertiende eeuw. Het woord dorp is dan eigenlijk nog een maatje te groot. Nederzetting past beter want rond een sluis in de zeewering (De Maasdijk) stonden slechts enkele huizen en hutten van vissers en mensen die werkten aan de dijk. Deze zeewering beschermde zowel deze nederzetting als het achtergelegen Maeslant tegen het water van de Maas en de Noordzee.

Poldergebieden
Het gebied was eigenlijk niet meer dan een brede watervlakte vol schorren en wadden, zandplaten, geulen en riet. De Maasdijk liep van Rotterdam, Schiedam, Vlaardingen en Maassluis naar het noordwesten. De huidige Zuiddijk en Noorddijk maakten daar toen al deel van uit. Het overtollige water uit de achterliggende poldergebieden werd via 13 sluizen in de Maasdijk geloosd in de Maas. In die tijd werden ook de Noordvliet en de Zuidvliet gegraven.

Bron van bestaan
De vissers en de sluiswachters die zich vestigden in Maeslantsluys konden slechts met moeite een bestaan opbouwen. Het dorp aan het allesbepalende water, want dit was de bron van het bestaan, kreeg in 1614 haar zelfstandigheid door zich los te maken van de moedergemeente Maeslant.

Spanjaarden
Marnix van St. Aldegonde legde ter bescherming van de sluizen in het begin van de opstand tegen de Spanjaarden aan de noordzijde van de haven een fort ofwel schans aan. Zij lieten zich hierdoor niet weerhouden want zij zagen kans dit verdedigingswerk omstreeks 1573 twee keer te veroveren. Hierbij gingen ze niet zachtzinnig tekeer en zo richtten zij enorme schade in Maeslantsluys aan.

Haring & kabeljauw
Pas in 1814 werd Maassluis formeel een stad. Industrie was er niet, de “Sluizers” zoals inwoners van deze stad in de volksmond worden genoemd, haalden hun brood nog steeds uit water. Er ontstond een flinke vissersvloot en de opkomende handel, toeleveringsbedrijven en latere industrie hingen hiermee nauw samen. Maassluis ontwikkelde zich als een belangrijke vissershaven (Voornamelijk kabeljauwvisserij en andere grote vissoorten boven Engeland en bij IJsland en in mindere mate haringvisserij op de Noordzee).

Brood op de plank
De visserij was dan wel de kurk waarop de welvaart dreef maar de bedrijven die daarnaast ontstonden zorgden eveneens voor brood op de plank: scheepswerven, kuiperijen, taanderijen, nettenboeterijen, touwslagerijen en handel in scheepsbenodigdheden.

Groote Kerk
grootekerk
Misschien wel het meest karakteristieke gebouw in Maassluis is de Nieuwe of Groote Kerk (protestant) die in 1629 werd gebouwd en pas 10 jaar later werd opgeleverd. Hiervoor kerkte men in de zogeheten Kleine Kerk (1598) aan de Hoogstraat (verdwenen). De bevolking van Maassluis was overwegend protestant; de rooms-katholieken vormden een minderheid. Zij werden gedoogd en gingen aanvankelijk in Maasland naar de kerk. Later kwamen ze bijeen in een boerderij aan de Veerstraat. Uiteindelijk kregen ze toestemming voor een eigen onderkomen in Maassluis en zo bouwden zij een schuil- of schuurkerk (1787) buiten de bebouwde kom: aan de Zuidvliet richting Maasland.

De Furie
Afnemende welvaart en twee wereldoorlogen deden de visserij de das om. Het loodswezen en de zeesleepvaart daarentegen groeide en bloeide maar ook daar is niet veel meer van overgebleven in de Eerste Stad aan de Waterweg, zoals Maassluis ook wel wordt genoemd. De enige nog varende stoomsleper ter wereld de Furie (gebouwd in 1916), die in de Maassluise Haven ligt, herinnert nog aan dit levendige tijdperk van de Maassluise historie. Rondom deze sleper organiseert Maassluis jaarlijks het tweedaagse maritieme evenement Furieade dat gemiddeld 100.000 bezoekers trekt.
De vis wordt duur betaald

Zwaar leven
Twee oude scheepsmodellen van de Buis en de Hoeker op het Visserijbord van de Nieuwe of Groote Kerk herinneren aan de glorietijd van Maassluis als vissersplaats. Zij dateren uit 1649. Maar er was ook veel kommer en kwel. “De vis wordt duur betaald” aldus Kniertje in het toneelstuk Op hoop van zegen van H. Heijermans, een vissersweduwe die enkele zoons verliest aan de zee. Daarmee is kort het zware leven van de vissers, ook die van Maassluis, verteld.

Voor- & tegenspoed
Naast voorspoed was er tegenspoed in de vorm van een slechte vangst, werden vissers slachtoffer van kapingen maar ook werden schepen opgebracht en de vangst verbeurd verklaard. De weersomstandigheden bepaalden of de vloot al dan niet kon uitvaren. De visserij was een riskant middel van bestaan; er was geen enkele garantie voor een goed betaalde boterham. De kabeljauw- en haringvisserij zorgden aanvankelijk voor een aardige broodwinning. In 1866 werd een snelzeilende logger in gebruik genomen. Deze leidde tot een flinke opleving van de visserij die tot aan de Eerste Wereldoorlog heeft geduurd.

Kloppend hart
Wie door Maassluis wandelt komt op tal van plekken oog in oog te staan met voornamelijk stille maar welsprekende getuigen van voorbij verleden. Alleen het water van de Nieuwe Waterweg, de havens en de vlieten kabbelt, buldert, bruist of spat afhankelijk van de weersomstandigheden onafgebroken. Dit water zal de tand des tijds altijd doorstaan. Dat lijken ook de voormalige pakhuizen, woningen van toenmalige notabelen, reders, makelaars in vis, de sluizen en Godshuizen te doen. Straatnamen herinneren aan weleer: de Veerstraat, de Marnixkade, de Govert van Wijnkade, de Dr.Kuyperkade etc. Het verleden kortom, tekent zich dag in dag uit af in het heden. In het Maassluis van vandaag klinkt nog altijd het water als het kloppend hart van de samenleving door. Wie er woont of op bezoek is ontkomt niet aan het ritme en de ruimte van het water. En zo verglijdt de tijd. Van het verleden naar het heden, van het heden naar de toekomst.
Mee in de vaart der volkeren

“Sluis in”
De jaren vijftig duurden hier in Maassluis wat langer dan in de stad. De stad was Rotterdam. Voor de dagelijkse boodschappen ging je even “Sluis in” (de binnenstad) maar voor de aanschaf van meubelen of andere grote zaken reisde je af naar de stad. Op zondag klonk zeker niet het lied van de arbeid maar veelvuldig de psalm en het gezang. Maassluis omvatte eigenlijk niet veel meer dan de huidige binnenstad met de Markt en aangrenzende, kaarsrechte vlieten, de Nieuwstraat, de Lijnstraat en omgeving (vervangen door nieuwbouw) en de bovendijks gelegen wijken ’t Hoofd en natuurlijk de Zuid- en Noorddijk en de Hoogstraat, de Kapelpolder en Weverskade.

Stadsuitbreiding
Maassluis ontkwam niet aan de vooruitgang en zo begon de uitbreiding van de stad. Maassluis ging mee in de vaart der volkeren: de Oranjewijk werd gebouwd, Sluispolder Oost en West eveneens. Een revolutie in Maassluis: flatgebouwen waarvan de elementen werden gemaakt in de zogeheten Elementumfabriek die in 1962 in Maassluis werd geopend. Ondertussen groeide de werkgelegenheid in de petrochemische industrie in het Rijnmondgebied ofwel “aan de overkant” De vele nieuwbouwwoningen in Maassluis boden woonruimte aan zowel inwoners van Maassluis als aan import van overal vandaan. De heimachine verplaatste zich steeds verder westwaarts.

5.000 nieuwe woningen
Aangrenzende polders werden woonwijken en zo ontstonden de Westwijk, de Burgemeesterswijk en de Steendijkpolder. Inmiddels is de herstructurering van de Elementumwijken voltooid op die van de Burgemeesterswijk na. Laatstgenoemde wijk maakt plaats voor een compleet nieuw stadsdeel met o.a. de Waterwegtorens, Hof Zuid, een prachtig park etc. dat met recht het predikaat wonen in het groen meekrijgt. Bebouwing langs de Nieuwe Waterweg (Het Balkon van Maassluis) is aan de orde. Er bestaan vergevorderde ideeën over nieuwbouw in de historische binnenstad (De Vliet en omgeving), uitbreiding van De Vloot en bebouwing van de Dijkpolder. Daarnaast staan er nog enkele kleinschalige woningbouwprojecten op stapel. Ruwweg krijgt Maassluis er 5.000 nieuwe woningen bij.

Wonen & leven
Maar… er is meer, veel meer dan enkel en alleen woningbouw. Leven in Maassluis houdt ook in: goed onderwijs, veel sport, ontspannende recreatie, mooie kunst en cultuur, gezellig winkelen, prima kinderopvang en muziek op straat en podium. Plezierig wonen betekent ook een terrasje pikken, uit eten gaan, een theatervoorstelling bezoeken, snuffelen in de bibliotheek en contact hebben met buren en vrienden maken.

De menselijke maat
Er is in Maassluis sinds de jaren vijftig en de uitbreiding van de stad veel veranderd. Het aantal inwoners en huizen nam met sprongen toe. (En in snel toenemende mate wordt de woningbouw afgestemd op uiteenlopende doelgroepen). Restaurants (al dan niet met terras) en eethuisjes zijn er voor ieders smaak en portemonnee. Fiets- en wandelpaden leiden zowel naar bos en strand, Midden Delfland, de Broekpolder, de Zuidbuurt als naar het Lickebaertsbos, het aangrenzende, pittoreske dorp Maasland met de Vlietlanden en het Bommeer. En toch…toch is het nog steeds de menselijke maat die het leven in deze stad “dicteert”. Voor wie dat wil is het eenvoudig hier een warm, sociaal netwerk op te bouwen. Het sociaal culturele leven en het vrijwilligerswerk bloeien hier als vanzelfsprekend. Voor wie wat meer op zichzelf wil leven en wonen; ook dat kan want Maassluis heeft grotere afmetingen en uitgebreide voorzieningen dan de gemiddelde kleine stad en goede uitvalswegen naar zowel het Westland, Den Haag als Rotterdam.